Screening op chlamydia
Jan van Bergen
Screening in Nederland Begin dit jaar bracht de Gezondheidsraad
een rapport uit over screening op Chlamydia trachomatis (zie www.gr.nl en Commentaar
Soa Aids Ned: www.soaaids.nl en Soa Aids Magazine nummer 1, 2004). De Raad concludeerde
dat vooralsnog geen periodiek landelijk bevolkingsonderzoek aangewezen was. Eerst
diende meer bekend te zijn over het vóórkomen van chlamydia in Nederland
en moest uitvoeriger worden onderzocht op welke wijze deze periodieke screening
in Nederland duurzaam kon worden uitgevoerd.
Op het Soa Aids congres op 1 december 2004 werden de gegevens van het Landelijke
Chlamydia Screening Onderzoek (‘PILOT Ct’) gepresenteerd. Dit onderzoek
werd uitgevoerd door Soa Aids Nederland samen met vier GGD-en: GGD Rotterdam e.o.,
GGD Groningen, GGD Oostelijk Zuid-Limburg en GGD Hart van Brabant. Aan 21.000
jong volwassenen van 15-29 jaar werd gevraagd om een vragenlijst in te vullen
en een urinemonster via de post te versturen. Uit het onderzoek blijkt dat 2%
van de deelnemers een infectie met chlamydia heeft. In grote steden is dat 3,2%,
wat aanzienlijk meer is dan in dunbevolkte gebieden, waar chlamydia bij 0,6% van
de jong volwassenen werd vastgesteld. Bij deelnemers met meer dan één
partner, vrouwelijke deelnemers en personen van Surinaamse of Antilliaanse afkomst
werd significant vaker chlamydia gevonden. In de grote steden komt chlamydia het
meest voor onder 15-19-jarige vrouwen, van wie 4,3% is geïnfecteerd. Bij
mannen is dit 4,1% en ligt de piek tussen de 25 en 29 jaar. Uit acceptatieonderzoek
is gebleken dat deelnemers tevreden waren over het onderzoek en vooral over het
laagdrempelig testaanbod thuis. Gezien de nu ter beschikking staande cijfers adviseert
Soa Aids Nederland te starten met periodieke screening van risicogroepen in proefregio’s.
Resulaten 1ste jaar nationale screening in Engeland Engeland
is onlangs gestart met gefaseerde invoering van opportunistische chlamydiascreening.
Aan mannen en vrouwen onder de 25 jaar wordt in diverse klinische en niet-klinische
settings de mogelijkheid van screening aangeboden (urine of vaginale wat).Uit
de resultaten van de het eerste jaar blijkt een erg hoog percentage chlamydiapositiviteit.
Buiten de soa-poli’s, dus in anticonceptie- en vrouwenklinieken, maar
ook in huisartspraktijken, werd bij 10,1% van de vrouwen (1.538/15.241) en 13,3%
van de mannen (156/1.172) een chlamydia-infectie vastgesteld. In 2008 wordt
verwacht dat het Nationale Screeningprogramma landelijk dekkend zal zijn. (1)
Laten we hopen dat we in Nederland voor de invoering van actieve opsporing
en behandeling van chlamydia-infecties niet hoeven te wachten totdat we zulke
hoge prevalentiecijfers te melden hebben als in Engeland.
- LaMontagne A, Fenton K, et al. Establishing the National Chlamydia Screening
Programme in England: results from the first full year of screening. Sex Transm
Infect 2004 ;80 :335-341
top
|