Jaargang 2, nummer 3 - september 2005 Terug naar home
Print versie
Toenemende soa: wat is er gaande?


Congres International Society for Sexually Transmitted Diseases Research

Rob Vlasblom


Roel Coutinho presenteert epidemiologische gegevens

Onder het motto ‘Re-Emerging STIs: The Challenge’ vond in Amsterdam van 10-13 juli voor de zestiende keer het tweejaarlijkse congres plaats van de International Society for Sexually Transmitted Diseases Research (ISSTDR). Duizend deelnemers bogen zich over de vraag wat anno 2005 passende antwoorden zijn op het weer toenemen van soa zoals syfilis en Lymfogranuloma venereum, bespraken verbeterde onderzoeksmethoden voor diverse soa, vaccinatiestrategieën, de wisselwerking tussen hiv en andere micro-organismen en preventieprogramma’s.

Curatie en preventie
De ISSTDR is een van oudsher medisch-curatief geöriënteerd onderzoeksforum. Preventie werd doorgaans benaderd als een min of meer medische ingreep; vaccinatie en andere vormen van profylaxe, behandeling om verdere verspreiding te voorkomen en vroegdiagnostiek zijn voorbeelden hiervan. In 2003, tijdens de 15de bijeenkomst in Ottawa, was er al wel bescheiden aandacht voor primaire preventie; dit keer, in Amsterdam, was dat beduidend meer. Zo waren er presentaties over de effectiviteit van condoomgebruik, een sessie over netwerkanalyses en was er uitgebreid aandacht voor de rol van internet.
Inzicht in netwerken
Er zijn verschillende modellen ontwikkeld om netwerkanalyses mee uit te voeren, ten behoeve van preventieve interventies. Op het congres is ingegaan op de invloed van verschillende netwerkvormen en seksuele contacten op de verspreiding van soa.1 Hierbij werden bijvoorbeeld seriële monogamie, ‘concurrent partnerships’ en snel wisselende seksuele contacten met elkaar vergeleken en in verband gebracht met de verspreidingssnelheid van soa, de kansen op herbesmetting binnen de verschillende netwerken en de mogelijkheden voor interventie. Dit is nog voornamelijk theoretisch; de vertaalslag naar de praktijk dient nog te worden gemaakt, hoewel er al wel sprake is van enige voorzichtige stappen. In een volgend nummer van het magazine wordt hieraan uitgebreider aandacht besteed.

Internet
Technologische vernieuwingen verruimen niet alleen het arsenaal aan diagnostische en therapeutische mogelijkheden, maar kunnen ook primaire preventie vergemakkelijken. Internet is zo’n belangrijke innovatie. Velen gebruiken het voor het leggen van seksuele contacten, diezelfde gebruikers kunnen via hetzelfde medium worden bereikt met preventieboodschappen.
In Soa Aids Magazine nummer 3 van het vorige jaar heeft Kees Rietmeijer uitgebreid verslag gedaan van zijn onderzoek naar internet als risicofactor en middel tot preventie van hiv/soa, vooral in de Verenigde Staten.2 Tijdens het congres is hij verder ingegaan op internet als discussieforum voor onder andere mannen met homoseksuele contacten over hun serostatus.3
Ook in Nederland speelt internet een snel belangrijker wordende rol voor de soa/hiv-bestrijding. Het afgelopen jaar zijn enkele websites ontwikkeld voor bepaalde bevolkingsgroepen, voor wie internet een effectief informatiemiddel blijkt te zijn, en een speciale site voor testadviezen: www.soatest.nl. Op het congres gaf Daniel van Schaik hierover uitleg.4 Een schets hiervan was al te lezen in nummer 2, 2004 van dit magazine.5

De rol van internet als middel om specifieke doelgroepen te informeren lijkt niet meer weg te denken en maakt vaak integraal onderdeel uit van diverse preventieactiviteiten. Onderzoek onder doelgroepen via internet ontwikkelt zich steeds verder, ook worden de interventies geavanceerder en verfijnder. Partnerwaarschuwing online, interventies via chatsites, testadviezen ‘op maat’ en online testen zijn enkele voorbeelden hiervan.

Besnijdenis bij mannen
In Soa Aids Magazine nummer 1 van dit jaar is aandacht besteed aan de mogelijk beschermende werking van besnijdenis van de penis tegen hiv-infectie.6 ‘De conclusie dat bescherming bij besnijdenis bij mannen bescherming biedt kan dus (nog) niet worden getrokken.7 Om besnijdenis aan te wenden als een preventiestrategie is precair’ 8 merkt de auteur op. Daarna volgen nog enkele andere bedenkingen; er zijn nogal wat voorwaarden waaraan moet worden voldaan wil men besnijdenis gaan invoeren als preventiemiddel tegen hiv-infectie en andere soa.
Op het congres viel een andere mening te beluisteren. Daar zijn de resultaten gepresenteerd van recentere studies door onderzoekers van de London School of Hygiene & Tropical Medicine.9 Hun conclusies luiden: ‘Dit eerste systematische overzicht van besnijdenis bij mannen en zwerende soa sterkt de overtuiging dat besneden mannen een substantieel lager risico lopen van ulcus molle en syfilis. Er is minder verband tussen besnijdenis bij mannen met HSV2, in tegenstelling tot het duidelijke en sterke verband met hiv. Deze resultaten wijzen erop dat besnijdenis bij mannen als mogelijke interventie om hiv te reduceren bij populaties met verhoogd risico aanvullende bescherming kan bieden tegen soa.’ Waarom het verband tussen besnijdenis en de eveneens ulcererende soa herpes genitalis twijfelachtig is valt niet af te leiden uit de gepresenteerde onderzoeken.
Op het twee weken later gehouden internationale aidscongres in Rio de Janeiro van de IAS is door Franse onderzoekers de beschermende werking van besnijdenis tegen hiv-infectie bevestigd.10Volgens Bertrand Auvert van de Franse nationale dienst voor aidsonderzoek wijst een langlopende studie erop dat besneden mannen een aanzienlijk kleinere kans hebben om hiv op te lopen door contacten met seropositieve vrouwen dan onbesneden mannen. Volgens Auvert is de huid van de penis van besneden mannen minder gevoelig dan die van onbesneden mannen en heeft deze minder de neiging tot het ontwikkelen van kleine wondjes tijdens de gemeenschap.
Het onderzoek is uitgevoerd in Zuid-Afrika, waarbij een groep van 3.000 gezonde, seksueel actieve heteroseksuele mannen tussen 2002 en 2005 21 maanden lang werd gevolgd. De helft van de mannen is besneden. Na 21 maanden waren er van de onbesneden mannen 51 seropositief en van de besneden mannen slechts achttien. Beide groepen waren betrokken bij een ongeveer gelijk aantal onbeschermde seksuele contacten met een groep vrouwen, van wie ongeveer eenderde seropositief was. De onderzoekers zijn wel enigszins terughoudend wat betreft hun bevindingen en de consequenties ervan. Er is correctie nodig voor gedrag en verschillende vormen van seks. Ook is meer onderzoek nodig en het is nog veel te vroeg om besnijdenis als preventiestrategie in te zetten. Het biedt in geen geval volledige bescherming.
Bij dit alles past de kanttekening dat al vele jaren nogal wisselende berichten verschijnen over een wel of niet beschermende werking tegen hiv-infectie of andere soa.

Verdere internationale samenwerking op onderzoeksgebied
De ISSTDR is momenteel het belangrijkste discussieforum voor soa-onderzoekers in de wereld. Er is veel ruchtbaarheid gegeven aan het congres, zeker ook bij alle landen in Europa. Het accent was nogal zwaar Anglo-Amerikaans. Duitsers of Fransen ontbraken. Geen presentaties uit Parijs, toch de bakermat van de venereologie (Frankrijk heeft 3.000 dermatovenereologen). In 2007 vindt het volgende congres plaats in Seattle (VS), dit keer in samenwerking met die andere internationale soa-onderzoeksorganisatie, de International Union against Sexually Transmitted Infections (IUSTI), die in 2006 nog een keer afzonderlijk bijeenkomt in Versailles. Er wordt steeds vaker op gewezen dat soa snel de hele wereld rondgaan (toerisme, migratiestromen), een dergelijke bundeling van onderzoekers is dan ook welkom.

Referenties:
  1. Kretzschmar M. New network theory and its implications for the prevention of STDs. 16th Biennial meeting of the International Society for Sexually Transmitted Diseases Research (ISSTDR), Amsterdam 10-13 July 2005. Abstract MW-301.
  2. Rietmeijer Kees. Seks en internet: risico’s voor soa en kansen voor preventie. Soa Aids Magazine 2004,1:3, 6-7.
  3. Rietmeijer CAM, Lloyd LV. Serosorting in cyberspace: the internet facilitates hiv serostatus discussions among men having sex with men (MSM). 16th Biennial meeting of the International Society for Sexually Transmitted Diseases Research (ISSTDR), Amsterdam 10-13 July 2005. Abstract TO-001.
  4. Schaik DT van, De Wit J, Bergen JEAM van. Log in to your health: tailored advice on HIV and STI testing at www.soatest.nl. 16th Biennial meeting of the International Society for Sexually Transmitted Diseases Research (ISSTDR), Amsterdam 10-13 July 2005. Abstract TO-002.
  5. Schaik DT van. www.soatest.nl: digitaal testadvies op maat! Soa Aids Magazine 2004,1:2, 15.
  6. Gobin S. Beschermt besnijdenis tegen hiv-infectie? Soa Aids Magazine 2005,2:1,21.
  7. Siegfried N, Muller M, Violin, et al. Male circumcision for prevention of heterosexual acquisition of HIV in men. Cochrane Database Syst Rev. 2003;(3):CD003362. Review.
  8. Boye, et al. Male circumcision and risk of HIV-1 infection. Lancet 2004;363:1997-99.
  9. Weiss HA, et al. Male circumcision and risk of syphilis, chancroid and genital herpes: a systematic review and meta-analysis. 16th Biennial meeting of the International Society for Sexually Transmitted Diseases Research (ISSTDR), Amsterdam 10-13 July 2005. Abstract MO-103.
  10. Auvert B, et al. Impact of male circumcision on the female-to-male transmission of HIV. IAS Conference on HIV Pathogenesis and treatment. Rio de Janeiro July 2005. Abstract TuOa402.


top


zoeken
  Zoeken
SOAIDS Magazine
Nummer 1 april 2008
Nummer 5 december 2007
Nummer 4 oktober 2007
Nummer 3 augustus 2007
Nummer 2 mei 2007
Nummer 1 maart 2007
Nummer 5 december 2006
Nummer 4 november 2006
Nummer 3 september 2006
Nummer 1 april 2006
Nummer 5 december 2005
Nummer 4 november 2005
Nummer 3 september 2005
Nummer 2 juni 2005
Nummer 1 maart 2005
Nummer 3 december 2004
inhoudsopgave
Redactioneel - Ton Coenen
   
Diagnostiek Trichomonas vaginalis met ‘Real Time PCR’ - J. Schirm, P. Bos, P. van Voorst Vader
   
Redactioneel commentaar: Trichomonas-diagnostiek anno 2005 - P. Peerbooms
   
Postexpositie-beleid in Amsterdam - Gerard Sonder
   
Congres International Society for Sexually Transmitted Diseases Research - Rob Vlasblom
   
Seksualiteitscentra in opmars - Annemies Gort
   
Week van de liefde - Hanneke Roosjen
   
Loesje wil ook dat Nederland veilig gaat vrijen
   
Twintig jaar Aids Soa Infolijn - Bertus Tempert
   
Jongeren met hiv vinden zichzelf heel gewoon - Matthieu klein Tank
   
Europese expertmeeting preventiestrategieën mannen met homoseksuele contacten - Wim Zuilhof
   
Aids Fonds Behandel Plan - Paul Zantkuijl
   
Moskou wil ‘Amerikaanse’ aanpak - Ivo Pertijs