Nieuwe adviezen voor homo hiv-preventie
Resultaten Schorer Monitor 2006 bekend
Tobias Dörfler - medewerker hiv/soa-preventie Schorer Wim Zuilhof - senior medewerker hiv/soa-preventie Schorer Harm Hospers - hoogleraar Universiteit Maastricht, Faculteit der Psychologie
- Bijna zestig procent van alle respondenten kende PEP in het geheel niet.
- Er is extra aandacht nodig voor mannen met hiv.
- Wijzen op de gratis vaccinatie tegen hepatitis B is noodzaak.
|
Schorer Monitor 2006 is een online onderzoek naar seksueel gedrag van homo- en biseksuele mannen in Nederland. Onder de ruim 4.000 bevraagde mannen blijkt hiv-testen enigszins toe te nemen. Nog steeds heeft een derde van de respondenten onbeschermde anale seks met losse contacten. De hepatitis B-vaccinatiegraad is vrij laag. Extra inspanning is nodig voor hiv-positieve mannen. Deze resultaten zijn van belang voor de landelijke hiv/soa-preventie onder homo- en biseksuele mannen. Het onderzoek werd uitgevoerd door Schorer in samenwerking met de Universiteit Maastricht.
nieuwe onderzoeksmethode via internet Schorer Monitor 2006 is het eerste van een nieuwe reeks online onderzoeken dat voortbouwt op eerdere pen-and-paper Monitor-onderzoeken naar seksueel gedrag van homo- en biseksuele mannen in Nederland (Hogeweg & Hospers, 2000; Hospers, Dörfler & Zuilhof, 2003; Hospers, Dörfler, & Zuilhof, 2004). In het voorjaar van 2006 vond voor het eerst online en offline werving van respondenten plaats. De respondenten vulden op een aparte onderzoekswebsite een vragenlijst in. Daarbij werd gevraagd naar seksuele ervaring, hiv-testen, soa, uitgaans-gedrag, druggebruik, kennis en opvattingen over hiv, en seksueel gedrag met vaste partners en losse contacten. Het rapport is gebaseerd op 4.194 ingevulde enquêtes.
meer dan de helft op hiv getest en weinig posttest counseling Zestig procent van de respondenten was ooit op hiv getest. Van deze 60% deed de helft de laatste test in het voorafgaande jaar. De top drie testlocaties waren huisartspraktijk, GGD en soa-poli. Het percentage homoseksuele mannen dat zich wel eens had laten testen was groter dan het percentage biseksuele, respectievelijk 63 en 40. Mannen van 26 jaar of ouder waren vaker getest dan mannen van 25 jaar of jonger (66% tegenover 42%). Mannen met zowel een vaste partner als losse contacten waren vaker getest (69%) dan mannen met alleen een vaste partner (55%), uitsluitend losse contacten (56%) en mannen zonder sekspartners (37%). Elf procent van de geteste mannen was hiv-positief (N=270). Door de jaren heen is benadrukt dat bij het geven van de testuitslag een posttest gesprek plaats zou moeten vinden. Pro-tocollair wordt daarbij uitgegaan van een face-to-face gesprek over de gevolgen van de uitslag. Echter, van de respondenten die een hiv-negatieve uitslag kregen, kreeg 6% die uitslag schriftelijk. Vijfendertig procent van de hiv-negatieve mannen en 16% van de hiv-positieve mannen verkregen de uitslag telefonisch. Bij slechts 11% van de hiv-negatieve uitslagen en bij 58% van de hiv-positieve uitslagen was daadwerkelijk sprake van posttest counseling.
veel soa en weinig hepatitis b-vaccinaties Bij 14% van de respondenten werden in het voorafgaande jaar één of meer soa vastge-steld. Van deze groep rapporteerde driekwart één soa en een kwart twee of meer soa in dat voorgaande jaar. Gonorroe, chlamydia, genitale wratten en syfilis kwamen – in deze volgorde – het meest voor. Uitgezonderd genitale wratten kwamen alle soa meer voor bij hiv-positieve mannen. Van hen rapporteerde 42% de diagnose van een of meer soa in het laatste jaar, tegenover 12% van de niet-geteste en hiv-negatieve mannen. Soa kwamen ook vaker voor bij mannen van 26 jaar of ouder en bij mannen in grotere steden. Van de respondenten was 34% volledig gevaccineerd tegen hepatitis B, 39% niet gevaccineerd, 9% niet volledig gevaccineerd en 8% wist het niet. Bij 9% van alle respondenten is ooit hepatitis B vastgesteld. Minder dan de helft van de niet-gevaccineerde mannen was op de hoogte van de mogelijkheid tot gratis vaccinatie.
pep vaak onbekend De mogelijkheid voor hiv-negatieve mannen om na risicovolle onbeschermde seks PEP te krijgen was bij slechts één vijfde goed bekend. 59% van alle respondenten kende PEP in het geheel niet. seksueel gedrag van hiv-positieven vraagt aandacht Mannen met hiv gaven vaker aan moeite met veilig vrijen te hebben en rapporteerden meer onbeschermde anale seks met losse contacten in de laatste zes maanden dan hiv-negatieve en niet-geteste mannen (respectievelijk 56%, 28% en 27%). Ruim vier van de vijf hiv-positieve mannen rapporteerden gebruik van één of meer drugs in het voorafgaande jaar, tegen ruim de helft van de niet-geteste en hiv-negatieve mannen. Meer hiv-positieve mannen spraken voorafgaand aan onbeschermde anale seks met een los contact over hun hiv-status dan hiv-negatieve of niet-geteste mannen, maar een meerderheid van hen deed dit niet. De respondenten vonden overwegend dat mannen met hiv een grotere verantwoordelijkheid dragen voor veilige seks. Hiv-nega-tieve en niet-geteste mannen vonden dat iets sterker dan hiv-positieve. De meningen over serodisclosure lagen verder uit elkaar. Niet-geteste en negatief geteste mannen vonden dat mannen die weten dat ze hiv hebben, dit van tevoren moeten vertellen aan iedereen met wie ze seks hebben. Mannen met hiv waren het hier vaker niet mee eens.
een op de drie vrijt onveilig met losse contacten Van de respondenten had 73% in de voorafgaande zes maanden seks met losse contacten. Van alle respondenten had 33% in die periode zowel vaste partners als losse contacten. Het mediaan aantal losse contacten in die periode was vijf. Met deze losse contacten had 72% van de respondenten anale seks. Van de mannen met losse contacten gebruikte 70% altijd condooms en 30% niet altijd. Een aantal factoren is gerelateerd aan onbeschermde anale seks met losse contacten: geen vaste partner hebben, hiv-positieve serostatus, het zoeken van sekspartners op internet of in darkrooms, meer moeite met veilig vrijen, en druggebruik.
de laatste losse sekspartner Voor 56% van de respondenten met een los contact was de laatste losse sekspartner nieuw. Eenentwintig procent had al een of twee keer eerder seks met deze man en 23% al drie keer of vaker. Het hebben van anale seks blijkt samen te hangen met het aantal keren dat men al eerder seks met deze losse partner had gehad. Met een nieuwe sekspartner had 40% anale seks, en dat liep op naar 59% als men voordien al drie of meer keer met dit los contact seks had gehad. Onbeschermde anale seks steeg van 13% bij nieuwe sekspartners naar 28% bij partners met wie men voordien al drie keer of vaker seks had gehad. Bij jongere mannen was dit verschil nog groter: van 13% onbeschermde anale seks bij een nieuwe partner naar 40% bij een partner met wie men al drie keer of vaker seks had gehad. Bij mannen met hiv was het percentage onbeschermde anale seks niet gerelateerd aan bekendheid met de laatste sekspartner. Van hen had eenderde onbeschermde anale seks met de laatste losse partner.
extra inspanningen nodig voor hiv-testen en hiv-positieven Hoewel een directe vergelijking met eerdere Monitoronderzoeken niet mogelijk is (waren niet online) lijkt het er op dat hiv-testen in de lift zit. Gezien hun seksgedrag zouden echter veel meer respondenten zich moeten laten testen en dat vervolgens bij herhaling moeten laten doen. Beleid dat (herhaald) testen op hiv stimuleert moet daarom worden voortgezet. In de eerdere Monitoronderzoeken werd al gesignaleerd dat de posttest protocollen in de praktijk niet letterlijk werden opgevolgd. Het is daarom zinvol om met nieuw beleid aan te sluiten bij die gegroeide praktijk. Wel moet daarbij worden ingezet op het waarborgen van eenzelfde kwaliteit als in de huidige posttest protocollen. Tevens moet worden bekeken of een dergelijke kwaliteit met alternatieve benaderingen kan worden verkregen, zoals zorgvuldige telefonische counseling, het inschakelen van doktersassistenten, eventueel gecombineerd met geavanceerde elektronische counseling.
losse contacten Veel homo- en biseksuele mannen hebben (ook) losse contacten. Bij preventieactiviteiten moet ervan worden uitgegaan dat onbeschermde anale seks met een los contact mede samenhangt met het aantal keren dat men eerder seks met die sekspartner heeft gehad. mannen met hiv Het onderzoek maakt duidelijk dat naar mannen met hiv extra aandacht moet uitgaan. Omdat slechts een minderheid van hen bij onbeschermde anale seks de eigen hiv-status aan hun sekspart-ners meldde, kan niet worden gesteld dat harm reduction-strategieën (zoals serosor-ting) beter bij hen passen dan de boodschap ‘altijd condooms met losse contacten’. Deze condoomboodschap is vooralsnog het best van toepassing. Individuele verantwoordelijkheid voor transmissie van hiv kan, juist ook doordat het discussie oproept, een goed thema zijn om in preventie-uitingen aan de orde te stellen.
soa-preventie De resultaten onderstrepen de noodzaak van een actief soa-preventiebeleid. Gezien de hoge hiv-prevalentie onder respondenten die in het voorafgaande jaar één of meer soa hadden, moeten homo- en biseksuele mannen ook worden geïnformeerd over de samenhang bij de overdracht van hiv en soa. Voorts dient snelle behandeling van soa te worden bevorderd. Een halfjaarlijkse soa-controle bij homo- en biseksuele mannen en eventuele partner-waarschuwing zouden sterker moeten worden gepromoot en blijvend gefaciliteerd.
pep Het is tevens belangrijk dat mannen die risico hebben gelopen, beter met de mogelijkheid van PEP bekend zijn. Dit overigens zonder dat PEP als een alternatief voor condooms wordt gezien.
promotie van hepatitis b-vaccinatie Tenslotte: veel mannen zijn nog niet gevaccineerd tegen hepatitis B en weten vaak nog niet van de gratis vaccinatie-mogelijkheid. Deze mogelijkheid moet daarom blijvend en actief onder de aandacht van deze doelgroep worden gebracht.
Voor meer informatie en het volledige rapport kijk op www.schorer.nl/monitor of neem contact op met t.dorfler@schorernet.nl
top
|