Jaargang 2, nummer 4 - december 2011 Seksoa
Print versie
Nationaal Congres Soa*Hiv*Seks


Marianne Donker: ‘Zodra je verslapt, kachel je achteruit’

Jolanda aan de Stegge - freelance journalist
Foto's Adriaan Backer

‘Waar onderzoek, beleid en praktijk elkaar versterken’ is het thema van het 15de Nationale Congres Soa*Hiv*Seks. Huisartsen, gynaecologen, internisten, (sociaal-)verpleegkundigen, seksuologen en gedragsdeskundigen wisselen een dag lang (praktijk)ervaringen uit.

Nationaal Congres Soa*Seks*Hiv

Terwijl het winkelend publiek in de Bijenkorf haastig Sintinkopen doet en op het ernaast gelegen Beursplein nog zo’n vijftien tentjes staan van demonstranten van de Occupy-beweging, vindt in de Beurs van Berlage het 15de Nationale Soa*Hiv*Seks-congres plaats.

‘s Middags bij de thee kunnen de congresgangers kiezen uit brokken speculaas en chocolaatjes in de vorm van sint en pietjes, maar verder doet niets denken aan Sinterklaas. Van trakteren is geen sprake: het is crisistijd en er moet worden bezuinigd.

Tijdens de eerste plenaire sessie met de enthousiaste titel ‘Seksuele gezondheid: nieuw beleid, nieuwe kansen!’ windt Marianne Donker, directeur Publieke Gezondheid van het Ministerie van VWS, er geen doekjes om: ‘Er is minder geld en dus moet er op het terrein van de seksuele gezondheidzorg met minder middelen meer effect worden gesorteerd.’ Zij roept daarom alle partners in de seksuele gezondheid op de komende jaren nog samenhangender en integraler samen te werken.

veel gaat goed Met betrekking tot seksuele gezondheid gaat veel goed in Nederland, zeker in vergelijking met andere landen. Donker noemt het lage abortuscijfer, het geringe aantal tienerzwangerschappen en het feit dat het gros van de mensen gezonde relaties aangaat.

Helaas staat daar ook genoeg negatiefs tegenover. Bijvoorbeeld de toegenomen soa’s onder hoogrisicogroepen zoals MSM, het onveranderd hoge aantal chlamydia-infecties en problemen die ‘nieuwe Nederlanders’ ondervinden op seksueel en relationeel gebied. Onder migranten is de hiv-test niet populair, waardoor zij een slechtere prognose hebben. Überhaupt weet 25 tot 40 procent van de seropositieve mensen niet dat ze het virus hebben.

We mogen trots zijn op wat we hebben, vindt Donker. ‘Het goede werk moeten we bestendigen en versterken.’ Maar, zegt ze even later in een discussie met andere deskundigen: ‘We moeten wel opletten, want als de aandacht verslapt, kachel je achteruit.’

Dat is precies waarover veel aanwezigen zich zorgen maken. Arts-seksuoloog Marjo Ramakers: ‘We hebben geen goed geïntegreerd beleid. In spreekkamers, op scholen en thuis wordt nauwelijks gepraat over seks. En ook de huisarts, gynaecoloog en uroloog praten daar te weinig over met patiënten.’ Ton Coenen vult aan dat de overheid juist op de toch al moeilijk te bereiken migrantengroepen, met hun eigen problematiek, bezuinigt.

bijzonder hoogleraar Applaus klinkt voor Jan van Bergen, zojuist benoemd tot bijzonder hoogleraar Hiv en Soa in de eerste lijn UMC-UvA. Hij herhaalt wat hij al jaren zegt: de huisarts signaleert 70 procent van alle soa’s. Hij ziet jongeren, migranten, MSM, de risicogroepen. ‘Maar het begint met praten. Wanneer je als professional niet over seksualiteit begint, mis je alles. En dus spelen emotioneel significante zaken een rol. Hoe ga jij als prof om met jouw seksualiteit, wat betekent het voor jou, hoe goed kun jij erover praten?’

online gezondheidszorg Na hem praat Frank Schalken, oprichter van de stichting E-hulp, de ruim zeshonderd bezoekers bij over de ontwikkelingen in E-health. ‘Praat u maar even met degene die naast u zit’, begint hij ‘en vertel diegene uw grootste seksuele geheim.’ Nadat dit leidt tot gekrakeel, zegt hij: ‘Online gooien mensen à la minute hun hele ziel en zaligheid op tafel.’

Volgens onderzoek was internet in 2006 voor jongeren al de belangrijkste informatiebron over seks. Overtuigend laat Schalken aan de hand van (inter)nationale voorbeelden zien dat de gezondheidszorg en hulpverlening de komende jaren drastisch gaan veranderen. Face to face-consulten zullen toenemend worden gecombineerd met online hulpverlening: blended zorg. Zeker als het om gevoelige onderwerpen als seksualiteit gaat, communiceren mensen liever online. Het is gratis, je hoeft er de deur niet voor uit, logt in als het jou uitkomt, je hoeft niet te praten en kunt anoniem blijven. Bovendien blijkt uit onderzoek dat problemen prima online behandeld kunnen worden.

preventieve hiv-remmers Tijdens de discussie ‘Medische mijlpalen aan de hiv-horizon’ bespreken Joep Lange, hoogleraar inwendige geneeskunde aan het AMC Amsterdam, en Robert Witlox, directeur van de Hiv Vereniging Nederland (HVN), de onderzoeksresultaten van Pre Exposure Prophylaxe (Prep). Meerdere studies laten zien dat vroegtijdig – preventief – gebruik van hiv-remmers nieuwe infecties zou voorkomen. Dat blijkt althans uit onderzoek onder mannelijke stellen van wie de ene partner seropositief is en de ander seronegatief. Onderzoek onder vrouwen is voortijdig gestopt, omdat dit minder rooskleurige uitkomsten liet zien.

Hoe veelbelovend de resultaten ook lijken, toch zijn kanttekeningen op hun plaats, want het betreft kortdurend onderzoek en veel vragen blijven onbeantwoord.
Dat blijkt ook tijdens de bomvolle workshop ‘Zwitsers in de polder, over de relatie hiv virale load en onbeschermde seks’, waarin Robert Witlox nader ingaat op Prep.

niet infectueus In 2008 nam de Zwitserse overheidscommissie voor aidsvraagstukken het standpunt in dat hiv-positieven, die door combinatietherapie zes maanden of langer een ondetecteerbare viral load hebben, therapietrouw zijn, geen andere soa of slijmvliesbeschadigingen hebben, praktisch niet meer infectueus zijn.
Dit zou betekenen dat vaste partners van wie de een wel en de ander niet seropositief is, kunnen overwegen om onder deze strikte voorwaarden samen geen condooms meer te gebruiken. Bij wisselende contacten wel.

In de praktijk blijkt het een complexe discussie, vertelt Jolanda Schippers, werkzaam bij de GGD Zuid Limburg. Ga je gezonde mensen medicijnen voorschrijven? Begrijpen alle patiënten hoe het precies werkt? Een studie laat zien dat de botdichtheid na 72 weken Prep is afgenomen, is het dat waard? Werkt preventief slikken van hiv-remmers eventuele resistentie in de hand? Wanneer begin je met Prep? Worden andere soa’s niet uit het oog verloren?

Voor- en tegenstanders van Prep reageren. Het vraagt een hoge therapietrouw van de deelnemers. En trouwens: Wie gaat het betalen? Op maandbasis kost de Prep-behandeling 950 euro. Is condoomgebruik niet veel minder belastend en goedkoper? Geen seks is nog goedkoper, roept iemand. En trouwens: pillen tegen hypertensie en anticonceptie worden ook en masse voorgeschreven. En wat maakt drie jaar eerder slikken uit, als je daarna toch levenslang hiv-remmers inneemt? Iedereen lijkt het erover eens dat Prep altijd moet worden gecombineerd met condoomgebruik.

complexe realiteit Een GGD-medewerker die migranten begeleidt, bekent het een lastige discussie te vinden. Tot nu toe kon hij zeggen: vrij veilig of vrij niet, maar met Prep op de achtergrond wordt het een ander en zeer ingewikkeld verhaal. Witlox riposteert: ‘De realiteit is nou eenmaal complex. Vroeger was het advies “Eet gezond” ook simpel, maar tegenwoordig is dat een niet uit te leggen verhaal over goede en slechte vetten. Het enige wat je kunt doen, is mensen zo goed mogelijk informeren.’

Beleid en politiek, medische en ethische ontwikkelingen, internationale verschillen en overeenkomsten: het congres biedt een rijk gevarieerd programma. Naast de plenaire discussies onder leiding van dagvoorzitter Charles Groenhuijsen zijn er tal van interessante workshops, prijsuitreikingen en een amusante en filosofische uitsmijter door Bas Haring.

Vier lesjes heeft hij opgestoken van deze dag. Waaronder zijn inzicht dat wij helemaal niet open zijn over seksualiteit. ‘Als we ziek werden van het eten van een bepaalde aardappel, was het probleem zo opgelost. Maar soa’s zijn zulke moeilijk uit te bannen ziektes omdat we stukken minder open praten over seks dan over wat we eten.’ Om daarna enthousiast te besluiten met: ‘Wat een mooie ziektes toch, soa’s en aids!’


top


zoeken
  Zoeken
Seksoa
Nummer 3 september 2011
Nummer 2 juli 2011
Nummer 1 april 2011
Nummer 4 december 2010
Nummer 3 oktober 2010
Nummer 2 juli 2010
Nummer 1 april 2010
Nummer 4 december 2009
Nummer 3 september 2009
Nummer 2 juli 2009
Nummer 1 maart 2009
Nummer 4 december 2008
Nummer 3 oktober 2008
Nummer 2 juni 2008
Nummer 1 april 2008
inhoudsopgave
Slimmer en beter - Cor Blom
   
Anuskanker, Anale Intraepitheliale Neoplasie en hiv - Olivier Richel
   
Welke seksuele contacten moeten worden gewaarschuwd bij hiv? - J. Rodriquez, E. Hendriksen
   
Preventie en Partnerwaarschuwing - Reactie van het CIb/RIVM - Desirée Beaujean
   
GGD Gezondheidsbus: testen op soa’s op locatie - Rob Vlasblom
   
Praktijk van counseling met motiverende gespreksvoering - R. Spijker, I. Sandstra
   
De rol van de MI-coaches - Ralph Spijker e.a.
   
Rob Vlasblom, een ingewijde buitenstaander - Jolanda aan de Stegge
   
Swaziland omarmt innovatieve aanpak van hiv en aids - Anna Maria Doppenberg