Korte berichten
Hiv en aids in Nederland Stichting HIV Monitoring (SHM) verzamelt anonieme gegevens van alle bij de 25 hiv-behandelcentra geregistreerde hiv-positieve patiënten. Uit het jaarrapport 2009 van de SHM blijkt een aantal verontrustende ontwikkelingen en cijfers.
Groei aantal hiv-geïnfecteerden In het afgelopen jaar is het aantal geregistreerde patiënten gegroeid met 1.169 patiënten, een toename van 7,8% ten opzichte van vorig jaar. Dat brengt het totaal van de in de 25 Nederlandse behandelcentra geregistreerde patiënten, samengebracht in de SHM-database, op 16.129 patiënten. Medio juni dit jaar, de laatste peildatum, is 80% daarvan in behandeling (12.258 volwassenen en 147 kinderen). Samen met het CIb-RIVM is berekend dat in 2008 in Nederland naar schatting 21.500 volwassenen met hivzijn besmet en dat 40% daarvan dat niet weet.
Risicogedrag neemt toe, preventiecampagne noodzakelijk De epidemie verspreidt zich door een zorgwekkende toename in het seksueel risicogedrag onder homoseksuele mannen (MSM). SHM-directeur prof. dr. Frank de Wolf: 'Ik pleit voor een nieuwe preventiecampagne om het risicogedrag in te dammen en daarin het testen op hiv een centrale plaats te geven. Nu aids geen dodelijke ziekte meer is, nemen sommigen het minder nauw met voorzorgsmaatregelen en de risico's voor anderen.' Een grote bron van zorg blijven de niet-geregistreerde en onbehandelde dragers van het virus. Frank de Wolf schat het aantal geïnfecteerden die het zelf niet weten op ongeveer 8.000: 'Die groep draagt in grote mate bij aan het in stand houden en verspreiden van het virus.'
Hiv lijkt fitter te worden Er is sprake van een opvallende verandering in de hiv-epidemie. De hoeveelheid virus die in een besmette persoon kan worden gemeten, wordt bepaald door de aanmaak en afbraak van hiv in het lichaam. Tussen de 6 tot 18 maanden na besmetting is er een evenwicht tussen aanmaak en afbraak, het zogenaamde set-point. Sinds 1999 blijkt dat de hoeveelheid virus die op dat set-point wordt gemeten, is gestegen. Dat zou kunnen betekenen dat er selectie is van hiv dat zich sneller vermenigvuldigt, dat fitter is. Een hogere hoeveelheid virus betekent ook dat de overdracht van hiv makkelijker verloopt. Het beloop van de hiv-epidemie kan hierdoor worden beïnvloed, vooral als niet tijdig wordt getest en niet eerder wordt gestart met anti-hiv-behandeling.
Levensverwachting neemt toe, kosten ook Door de behandeling met anti-hiv-combinatietherapie is de leeftijd en levensverwachting van hiv-geïnfecteerden toegenomen. In 1996 had een 25-jarige geïnfecteerde een kans van 5% om 50 jaar te worden. Nu is dat 80%. Van de totale populatie hiv-geïnfecteerden is 27% ouder dan 50 jaar. Het is de verwachting dat in 2015 41% van de populatie ouder dan 50 jaar zal zijn. Door deze ontwikkeling zal een groter beroep op gezondheidszorg worden gedaan, met een stijging van de kosten van €110 miljoen in 2009 tot naar schatting €230 miljoen in 2015.
Schorer Monitor is het jaarlijkse onderzoek over gezondheid, welzijn en seksualiteit onder mannen die seks hebben met mannen. Schorer voert het onderzoek uit samen met Universiteit Maastricht. De werving voor Schorer Monitor vond plaats van 23 maart tot en met 3 mei 2009. In die periode vulden ruim 4600 mannen de online vragenlijst in. De resultaten van Schorer Monitor zijn een belangrijke houvast voor het formuleren van het hiv/soa-preventiebeleid onder mannen die seks hebben met mannen. Uit Schorer Monitor 2009 blijkt dat homo- en biseksuele mannen van 25 jaar of jonger iets vaker onbeschermde anale seks hebben dan oudere mannen. Ook geldt dat mannen in de context van drugs, darkrooms, cruising areas en internetdating vaker onbeschermde seks hebben. Van de respondenten met seksuele ervaring heeft een ruime meerderheid (73%) ooit een hiv-test gedaan. Van alle respondenten heeft 44% zich laten testen in het voorgaande jaar. Dit zijn enkele conclusies uit Schorer Monitor 2009. De belangrijkste resultaten zijn samengevat in zeven factsheets rond specifieke thema’s. Lees ook het volledige rapport en de aanbevelingen van Schorer Monitor 2009.
Hiv en aids in de wereld: de cijfers Betere toegang tot hiv-medicijnen heeft geleid tot minder aantal doden aan hiv,
Het aantal doden daalde de afgelopen 5 jaar met meer dan 10%. Naar schatting zijn er 33.4 miljoen mensen met hiv geïnfecteerd.
Sinds 1996, toen goede medicatie beschikbaar kwam, zijn er bijna 3 miljoen levens gered. In totaal zijn er vanaf het begin van de epidemie 60 miljoen mensen met hiv geïnfecteerd
De cijfers staan in een rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie van de VN. De organisatie zegt dat de cijfers zich stabiliseren in alle gebieden, met uitzondering van de Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara. In die landen werd 72 procent van de wereldwijde nieuwe ziektegevallen geconstateerd.
Twee miljoen mensen overleden vorig jaar aan aids. Dat is tien procent minder dan vijf jaar geleden.
Preventieprogramma’s Het rapport geeft ook aan dat hiv-preventieprogramma’s een duidelijk effect hebben, en dat in de afgelopen acht jaar 17% minder nieuwe hiv-infecties ontstonden.
Regio’s: Afrika ten zuiden van de Sahara 22.4 miljoen Zuid en Zuid-oost Azië 3.8 miljoen Oost-Azië 850.000 miljoen Latijns Amerika 2.0 miljoen Noord-Amerika 1.4 miljoen Centraal en West-Europa 850.000 Oost-Europa en Centraal Azië 1,5 miljoen Caribisch gebied 240.000 Midden-Oosten en Noord-Afrika 310.000 Oceanië 59.00
Nieuw boekje jongeren: SEKS&ZO
SEKS&ZO is een nieuwe uitgave van Soa Aids Nederland. Het boekje is bedoeld voor jongeren in buitenschoolse situaties en richt zich met name op 14-, 15-, 16-jarigen. Het boekje heeft een kontzakformaat en is 80 pagina’s dik. SEKS&ZO komt in de plaats van het boekje SAFESEX.NL. Het is qua inhoud (grotendeels) hetzelfde, met dat verschil dat er in het nieuwe boekje steeds naar www.sense.info verwezen wordt in plaats van www.safesex.nl (safesex. nl, de jongerensite van Soa Aids Nederland, is geheel vernieuwd en overgegaan in sense.info). Het Sense-logo komt veel terug in het boekje en achterin staan contactgegevens van Sense, zoals de website, telefoon, chat, e-mail en afsprakenmogelijkheid. SEKS&ZO maakt deel uit van het voorlichtingspakket Veilig Vrijen & Seks over relaties, veilig vrijen en seksualiteit voor het jeugdwelzijnswerk. De andere onderdelen zijn: de krasloten, de training voor jongerenwerkers die Soa Aids Nederland samen met GGD’en organiseert én de handleiding die in deze training gebruikt wordt. SEKS&ZO is dus een onderdeel van het pakket, maar tegelijkertijd een op zichzelf staand boekje. Het is geschikt voor iedere jongere die meer wil weten over condoom- en anticonceptiegebruik, zich bewust wil worden van haar/ zijn grenzen en hoe je die kunt stellen, of zich wil herkennen in door andere jongeren gedane uitspraken.
Bestelinformatie over SEKS&ZO vindt u op www.soaaids.nl/bestellen. Het boekje kost € 0,75 exclusief porto- en handlingkosten.
Meer informatie over dit boekje of andere onderdelen van het pakket? Neem contact op met: Hanneke Roosjen Programmamedewerker Jongeren Soa Aids Nederland hroosjen@soaaids.nl
ZonMw Parel voor hepatitis-B vaccinatiecampagne De 'Landelijke hepatitis-B vaccinatiecampagne risicogroepen' van GGD Nederland is beloond met een ZonMw Parel. ZonMw reikt deze uit aan een enkel excellerend project dat ZonMw subsidieert. De campagne is in 2002 gestart en kenmerkt zich door een actieve benadering van GGD’en van doelgroepen die moeilijk te bereiken zijn: mannen die seks hebben met mannen, sekswerkers en druggebruikers. GGD Nederland heeft deze preventiecampagne zes jaar lang uitgevoerd. Er zijn ongeveer 90.000 mensen uit deze risicogroepen ingeënt.
GGD Amsterdam wint Galjaardprijs “Online safe sextraining voor jongeren werkt” De GGD Amsterdam heeft met het project Vrijlekker.nl de prestigieuze Galjaardprijs 2009 gewonnen. De Galjaardprijs is dé prijs voor het meest innovatieve, inspirerende en (bewezen) effectieve overheidscommunicatieproject. Logeion, de beroepsvereniging voor communicatie, kent deze prijs jaarlijks toe. Vrijlekker.nl Vrijlekker.nl is een campagne die een 'online safe sextraining' voor jongeren met video, humor en een eigentijdse vormgeving omvat. De GGD koos voor een gedifferentieerde en persoonlijke aanpak om jongeren tussen 16 en 24 jaar te bereiken met informatie en advies over veilige seks. De vakprijs gaat naar de GGD Amsterdam vanwege het bedenken en uitvoeren van het meest doeltreffende staaltje overheidscommunicatie. "Een gedoseerde, veelzijdige inzet van middelen, een duidelijke differentiatie naar categorieën binnen de doelgroep en een speelse doch instructieve toon", aldus het oordeel van de jury over het programma ‘Vrijlekker.nl’. Ook was de jury te spreken over de betrokkenheid van de doelgroep die ertoe heeft geleid dat het project en de resultaten op conto van vele jongeren geschreven kan worden.
Screeningsproject Chlamydia wint zorg-ICT-prijs Het project Chlamydia Screening Implementation bij de GGD’s in Amsterdam, Rotterdam en Zuid-Limburg heeft de Spider Award gewonnen. De prijs voor het meest innovatieve en doelmatige ICT-project is door juryvoorzitter Ellen Maat uitgereikt tijdens het ICTzorg congres dat vorige week plaatsvond. De andere twee genomineerde projecten waren het interactief Dossier Vasculaire Zorg (iVAZ) van het UMC St. Radboud en OmnIT, de virtuele polikliniek Ameland. Infectie met Chlamydia trachomatis (Ct) is de meest voorkomende bacteriële soa in Nederland en komt zo’n 60.000 keer per jaar voor. De soa kan leiden tot complicaties als verminderde vruchtbaarheid, of zelfs onvruchtbaarheid bij vrouwen, buitenbaarmoederlijke zwangerschappen en neonatale infecties. Het project betreft een implementatiestudie om te onderzoeken of landelijke screening op de geslachtsziekte chlamydia onder 16 tot 29-jarigen, kosteneffectief en praktisch uitvoerbaar is. Volgens het juryrapport gaat het om ‘een innovatief, technisch goed uitgewerkt project waarmee het hele proces rondom de screening op chlamydia is geautomatiseerd. De jury is ervan overtuigd dat met minimale inzet grote aantallen mensen gescreend kunnen worden en dat bovendien zo groepen bereikt kunnen worden die op andere wijze veel moeilijker te bereiken zijn. De gegevens die het project genereert kunnen worden gebruikt voor zowel preventie als onderzoek. Ook kan het project makkelijk worden opgeschaald en verbreed naar andere aandoeningen, aldus de jury.
top
|